Artikel in Het Kontakt


In het Kompas is een artikel geplaatst over Jan W Klijn.

Een interview door Erik de Bruin van Het Kompas Hardinxveld Giessendam over het schrijversleven van Jan W Klijn. 

 

Bron: Het Kontakt Hardinxveld Giessendam

Rechten berusten bij BDUmedia

 

Artikel in PDF >>

 

‘Op een boek zwoegen geeft rijk gevoel’

Vroegere avonturier en zakenman geniet van schrijversleven

 

‘Klijne grensoverschrijdingen’ waren in de jaren zeventig de eerste pennenvruchten van oud-Giessendammer Jan W. Klijn. De zoon van een hoepelmaker (hij groeide op aan de ‘Kaai’) vloog de hele wereld over en bouwde gestaag aan een notenimperium. In al die verre oorden (van Chili tot Japan) deed hij indrukken op die hij aan het papier toevertrouwde. Hij vroeg de Gezinsgids (een christelijk magazine) of ze interesse hadden om zijn schrijfsels te publiceren. Begin jaren tachtig schreef hij ook zijn eerste boek.

Afgelopen vrijdag kwamen nummer 33 en 34 uit.

 

Vijftig procent gaat over mijn schrijfcarrière en de andere helft over het bedrijf”, steekt de avontuurlijke oud-ondernemer, die aan de Lek in Groot-Ammers van zijn oude dag geniet, van wal. ,,Dat is meestal de verhouding als ik een lezing geef. Zo’n fifty-fifty mix zie je ook terug in de meeste boeken die ik heb geschreven. Fantasie en werkelijkheid vloeien samen. Sommige verhalen zijn geheel aan m’n fantasie ontsproten, maar de hoofdpersoon handelt wel op een voor mij bekende manier. Namelijk zoals ikzelf zou handelen. Je stopt de kennis over je eigen manier van zaken doen in het boek.” Een aantal werken is volledig non-fictie, zoals de 1023 bladzijdes tellende familiekroniek ‘Voor Anker’ die hij in 2013 uitbracht. Ook zijn laatste twee boeken zijn waargebeurd. In ‘Op eigen grond’ tekent hij het bijzondere levensverhaal op van een generatiegenote uit Bleskensgraaf (waar hij jaren heeft gewoond en waar Klijnoot kantoor hield) die na het overlijden van haar man, met wie ze samen een boerderij runde, niet bij de pakken neerzat en naam maakte in de internationale paardenfokkerij.

 

‘KNOP OMZETTEN’

Oorlogstijd langs de Lek’, ‘Moord in de Alblasserwaard’, ‘Carrière van een polderjongen’ ... de titels verraden dat hij verknocht is aan de streek waar zijn wieg stond, waar hij opgroeide en uitgroeide tot een succesvolle zakenman en waar hij niet weg te krijgen is. Terwijl hij zo’n beetje alle uithoeken van de wereld heeft gezien. Alle paradijzen op aarde. ,,Alle vluchten bij elkaar opgeteld vloog ik in een jaar tijd twee keer de wereld rond, maar ik was nooit heel lang van huis. Maximaal twee weekenden. Dan wilde ik weer bij m’n gezin zijn. Als ik thuis was, was ik ook echt thuis. Vrouw en kinderen (we hebben er zes) verdienden mijn aandacht. Die knop kon ik gemakkelijk omzetten. Heb ik altijd gekund en dat hielp me enorm met het schrijven. Als jij zo meteen de deur uitloopt en ik achter m’n computer kruip, ga ik meteen op in het verhaal en ben ik bijkans vergeten dat jij hier net op bezoek was. Ik was wel een beetje zenuwachtig toen ik mijn eerste artikel naar de Gezinsgids stuurde. Laat ik het zo zeggen: ik was nieuwsgierig. ‘Zouden ze het wat vinden?’ ‘Was mijn schrijfvaardigheid goed genoeg?’ De eerste versie stond vol met rode strepen. ‘Phoeh, wat moet ik daar nu mee?’, dacht ik. ‘Daar heb ik geen tijd voor.’ Het bedrijf slokte al mijn aandacht op. Maar niet mijn energie. Ik kon en kan ontzettend veel aan. In de spaarzame vrije uren zette ik me schrap en ging ik zitten zwoegen en worstelen met woorden en zinnen. Dat doe ik nog steeds want het gaat echt niet vanzelf, maar dat is nu juist het mooie. De voldoening. Het geeft een rijk gevoel. De eerste keer je naam en foto in zo’n blad, daar was ik best trots op. Vraag me niet naar dag en jaartal (dat weet ik echt niet, ik kijk liever vooruit), maar het gevoel op dat moment kan ik zo omschrijven.”

 

‘EIGEN GANG’

,,Alles wat jij doet, lukt”, zei een geleerd man uit Zuid-Afrika, een professor, ooit tegen me. Ik had een boek over hem geschreven. ‘Je bent in mijn hoofd gekropen. Hoe doe je dat? Hoe kun je zo schrijven als je alleen de lagere school hebt gedaan? Waar heb je al die kennis vandaan?’ Wijsheid doe je op door te vragen en op zoek te gaan. En door je boerenverstand te gebruiken. Mijn vader was weliswaar een arme hoepelmaker, maar ook een wijs man. Ik mocht van hem mijn eigen gang gaan. Eerst ging ik de huizen langs met boter, kaas en eieren en later de markt op. Van een collega-marktkoopman uit Berkel en Rodenrijs kon ik diens notenkraam kopen toen hij kruiden ging verkopen. Er zat een mooie handel in - het bruto-winstpercentage was hoog - maar op de markt loop je op een gegeven moment wel tegen een grens aan.” De Hardinxvelder was juist bezig zijn grenzen te verleggen. Buiten dorp en land, maar ook in zijn eigen woonplaats waar hij in 1973 het al even genoemde Klijnoot oprichtte, een bedrijf in noten en zuidvruchten dat al snel - het pand op bedrijventerrein De Peulen, niet ver van zijn ouderlijke huis, meette ruim vierhonderd vierkante meter - uit z’n voegen barstte. Klijn en co. (‘ik trok altijd mensen aan die meer wisten dan ik en in hun vakgebied beter zijn’) slokten diverse andere panden op en bezaten op een gegeven moment een kwart van het toenmalige industrieterrein. De afzetmarkt van zijn exotische etenswaren, die in Hardinxveld-Giessendam werden gebrand, gewassen en verpakt, bedroeg naast ons kikkerlandje heel West-Europa. ,,Een verkoopleider heeft ooit in een interview gezegd dat we in Nederland zonder Jan Klijn alleen pinda’s en studentenhaver zouden kennen. Dat is overdreven, maar ik vond het wel mooi om te lezen. Ik ben mijn hele carri- ère met vernieuwing bezig geweest.” 

 

ISRAËL

Nog steeds, maar dan op een ander vlak. Als schrijver en hij heeft een groot aandeel in een muziekinstrumentenhandel uit Sliedrecht. Klijnoot kwam in 1998-1999 in handen van een concurrent uit Doetinchem aan wie hij de hele handel verkocht. De voormalige kaas- en notenboer, die met niets was begonnen, was op 58-jarige leeftijd financieel onafhankelijk en kon op z’n lauweren rusten. Het heilige vuur doofde echter niet en hij begon zich nog meer toe te leggen op zijn grote hobby: het schrijven van romans, soms bezijden en soms heel dicht bij de waarheid. Zijn 34e boek, getiteld: ‘Reis door het beloofde land’, is een getrouwe weergave van de reis die hij begin dit jaar ondernam in Israël, waar hij in 1989 voor het laatst was geweest. ,,Het schrijversdoel was om de verschillen te laten zien tussen toen en nu. Die waren er ruimschoots, meer zelfs dan ik verwachtte. Ik heb ze opgetekend, maar beschrijf ook vele andere gebeurtenissen, zoals een boottocht op het Meer van Galilea en bezoeken aan een koloniale nederzetting en enkele kibboetsen. De indrukken waren zo talrijk dat het elke dag hard werken was om alles op te slaan. Ik wist namelijk dat ik hier een boek over ging maken.” Het eindresultaat stemt tevreden. ,,Hard werken loont. Alles wat je goed wilt doen, is moeilijk.” Over boek nummer 35 heeft hij al z’n gedachten laten gaan. ,,Dat wordt een vervolg op een verhaal dat ik eerder heb geschreven over een molenaar en visserszoon. Als de familie toestemming geeft, ga ik daar in Zuid-Frankrijk, waar we de komende weken vakantie vieren, mee aan de slag. Een heerlijk vooruitzicht!”

 

Erik de Bruin

 

Bron: Het Kontakt Hardinxveld Giessendam

Rechten berusten bij BDUmedia


Artikel in het Reformatorisch Dagblad


Familiekroniek van zakenman en schrijver Jan W. Klijn

 

Zelf doen. Dat typeert zakenman en schrijver Jan W. Klijn. Zelf noten en zuidvruchten importeren, niet afhankelijk zijn van anderen. Zelf een familiekroniek uitbrengen, zonder dat familie of uitgever iets aan de tekst verandert. „Ik hoef geen verantwoording af te leggen aan de mensen, maar aan God.”

Zelfs op een regenachtige winterdag is de Alblasserwaard nog mooi. De in Giessendam geboren Klijn rijdt graag een rondje door de polder om iets van die schoonheid te laten zien. 

>> Lees het hele artikel


Artikel in De Merwestreek


Jan W. Klijn schrijft kroniek

 

Zijn ondernemende karakter zorgde ervoor dat Jan W. Klijn uit Groot-Ammers als zakenman veel succes had. Voor zijn bedrijf Klijn BV (Klijnoot, handel in noten en gedroogde zuidvruchten) maakte hij jarenlang bijzondere reizen over de hele wereld. In zijn nieuwe boek ‘Voor anker’ beschrijft Klijn hoe hij opgroeide in een straatarm gezin, maar uiteindelijk wist uit te groeien tot een succesvol ondernemer.

 

ALBLASSERWAARD – Ruim drie jaar geleden besloot Jan W. Klijn om aan dit boek te beginnen. “Ik ben graag actief als schrijver en vond het mooi om op deze manier wat na te laten voor het nageslacht. Daarnaast is het een boek waar mensen die zaken doen veel aan kunnen hebben”, vertelt de 73-jarige schrijver, die alweer zijn 30e boek uitbrengt. ‘Voor anker’ telt maar liefst 1024 pagina’s. Onder het pseudoniem Jasper Groot vertelt Jan over zijn leven, en dan met name over zijn carrière. De vele spannende en interessante reizen die hij maakte komen ruimschoots aan bod.

 

In het eerste deel van het boek beschrijft hij zijn jeugd. Jan werd geboren in 1940 en groeide op in een gezin waarin men het niet breed had. Ondanks deze achtergrond bleek het voor hem  toch mogelijk om zakelijk succes te krijgen. “Ieder mens krijgt bepaalde gaven mee. Bij mij was dat ook zo. Ondernemen is iets dat mij goed ligt en daarnaast ben ik een doorzetter. Bovendien werd mij gezondheid geschonken” Jan startte het bedrijf Klijnoot en begon een internationale handel in noten en zuidvruchten. Hij zette hiermee dan tot nog toe onbekende soorten op de kaart. Zijn doorzettingsvermogen zorgde ervoor dat zijn bedrijf flink door kon groeien. Hij reisde van zijn 29e tot zijn 55e de hele wereld over. Zo bracht hij onder meer bezoeken aan Zuid-Afrika, Brazilië, Thailand, China en vele andere landen. “Je moest er op uit om te kunnen beginnen met deze handel”, blikt Jan terug. Hij legde altijd zijn reiservaringen zoveel mogelijk vast op papier. “Deze naslagwerken kon ik goed gebruiken bij het schrijven van mijn boek.”

 

Met het boek hoopt Jan ook adviezen te kunnen geven aan andere ondernemers. Hij bezit immers een schat aan zakelijke ervaring. “Als zakenman moet je doorlopend belangrijke beslissingen nemen. Het is dan goed om mensen om je heen te hebben die verstand hebben van zaken en die je kunnen helpen. Als je als bedrijf door wil groeien, dan moet je durf tonen.”

 

De kroniek ‘Voor anker’ werd vorige maand gepresenteerd bij muziekzaak Joh. De Heer in Sliedrecht, waar Jan mede-eigenaar van is. Burgemeester Dirk van der Borg van de gemeente Molenwaard ontving daar het eerste exemplaar.
‘Voor anker’ ISBN 978 90 822270 0 0 is verkrijgbaar bij de boekhandel en via www.janwklijn.nl.

Het boek kost 29.95 euro (inclusief verzendkosten).


Artikel in Het Kontakt!


In het Kontakt is een prachtig artikel verschenen over het nieuwe boek

van Jan W Klijn.

Kroniek van een Zakenman

Lees het artikel


Met niets begonnen



Worstelaar langs de Lek


Interview in het Reformatorisch Dagblad van 1 mei 2009

 

Worstelaar langs de Lek 

  

Hij is bezig aan zijn 27e boek, richtte een vijftal bedrijven op, adviseert nog vijf andere, maakte honderden (zaken)reizen, verkocht duizenden kilo’s kaas en miljoenen nootjes. Veelzijdigheid kan Jan W. Klijn niet worden ontzegd. „Ik lijk een opgewekt mens, maar ten diepste ben ik een worstelaar.”

„Ik heb er al een paar uur schrijven op zitten”, zegt Klijn (68) als hij met vaart plaatsneemt in zijn zetel voor het raam. „Ik zat om halfacht achter m’n computer. ’k Ben bezig aan m’n 27e boek.”

Klijns bungalow, Voor Anker, staat op het mooiste plekje van een laan met soortgelijke huizen, buitendijks in Groot-Ammers. Het uitzicht op de Lek is fenomenaal, de ruime kamers van de woning zijn chic gemeubileerd.

De bungalow staat in schril contrast met Klijns eenvoudige afkomst. „Ik ben het vierde kind uit een arm, oud gereformeerd gezin in Giessendam. Mijn vader was hoepelmaker. Tot mijn 19e heb ik mijn hele inkomen afgedragen aan mijn ouders. Ik vond dat heel normaal en dat was het ook. Zo kon ik bijdragen aan het gezinsinkomen.”

Na het voorgezet lager onderwijs gaat Jan op zijn 14e aan de slag bij een groentehandel. „Ik zag destijds een mooie auto staan. „Zo’n auto ga ik later ook rijden”, zei ik. De baas lachte me vierkant uit.”

Hij bladert in het boek dat hij als directeur van notenhandel Klijn gebruikte bij presentaties aan buitenlandse zakenconnecties. Achter in het boek staat een foto van een jonge Jan Klijn op een grote Amerikaanse auto, een Lincoln, met zijn bedrijf op de achtergrond. „Dat deed het goed bij klanten. Als ze zien dat je je dat kunt veroorloven, weten ze dat je je zaken goed hebt aangepakt.”

Markthandelaar
Op zijn 22e start Klijn zijn eigen bedrijf. Met een startkapitaal van 800 gulden begint hij als markthandelaar in boter, kaas en eieren. In 1970 pakt Klijn –inmiddels getrouwd met Ali Slagboom– er pinda’s, noten en zuidvruchten bij.

Twee jaar later begint hij aan zijn wereldwijde reizen, met als doel noten en zuidvruchten te importeren. „Ik plande dat altijd strak in. Ik wilde nooit meer dan twee weekenden weg zijn van mijn vrouw en kinderen – we hebben er zes gekregen, drie jongens en drie meisjes.”

Klijn vertelt graag over z’n reizen. Over de hardheid van Japanse zakenlieden. Over een bizar ontstane deal in Saudi-Arabië. Over een Braziliaanse boer met wie hij geen zaken wilde doen. „Ik zocht altijd de producenten op. De pindahandel in Brazilië was in handen van Japanners. Met degene met wie ik een contract had, bezocht ik de boeren die mij de pinda’s zouden leveren. We kwamen er bij een die ik bijna niet kon zien zitten vanwege de stapels paperassen op zijn bureau. „Wat er ook gebeurt”, zei ik tegen de Japanse exporteur, „van die man wil ik geen pinda’s. Iemand die zijn papieren niet in orde heeft, kan ook niet de vereiste kwaliteitsdocumenten overleggen.”

Wat voor hem de hoogtepunten op zijn reizen zijn? Klijn gaat verzitten. „Ik heb zo veel beleefd. In het buitenland probeerde ik ’s zondags altijd naar een kerk te gaan. Dat lukte overal, behalve in Saudi-Arabië en Turkije. In het Amazonegebied in Noord-Brazilië kwam ik voor de derde keer bij een baptistenpredikant. Hij zei: „Jan, dat treft, ik heb vanmorgen een doopdienst in de rivier; je kunt je meteen laten dopen.” Maar dat deed ik natuurlijk niet. Waarom niet? Ik ben toch al gedoopt?”

Klijn(e) grensoverschrijding
Klijn verhaalt al vanaf 1974 over zijn reiservaringen. In dat jaar start de rubriek ”Klijn(e) grensoverschrijdingen” in het christelijke gezinsblad De Schakel. Deze rubriek met reisverhalen kreeg later een plek in de GezinsGids. „Wacht even.” Hij veert op uit zijn stoel en rent bijna naar z’n werkkamer. Even later komt hij terug, een ordner met de reisverhalen onder de arm. Hij toont er enkele. „Ik schreef die altijd tussendoor. Kijk, dit is Frank uit Taiwan. Hij was een van de contactpersonen in het buitenland die ik in dienst had. Zij konden mij inseinen als er iets misging. Op een keer ging Frank zich tijdens een etentje te buiten aan alcohol. Ik heb de volgende morgen meteen definitief afscheid van hem genomen.”

Hij bladert verder. „Deze ”grensoverschrijding” gaat over Saudi-Arabië. En deze over Zuid-Amerika. Dat ik vast kwam te zitten in een toilet en via het bovenraampje eruit ben geklommen. Natuurlijk overdrijf je dan een beetje. Ik ben toen wel wat vuil geworden, maar niet zo erg als er stond.”

Dat is ook de kritiek van recensenten van uw boeken, dat u feit en fictie te veel vermengt.
„Prachtig toch? Dat vind ik mooi. Kijk, de hoofdlijn van mijn verhaal klopt. Voor mijn 25e boek, ”Oorlogstijd langs de Lek”, heb ik veel naslagwerk geraadpleegd en zó’n stapel prints van Wikipedia gehaald.” De auteur duidt met zijn handen 20 centimeter aan. „Mijn verhalen moeten kloppen. Ik lees me altijd goed in en ik check de feiten. Maar bepaalde details moet ik erbij kunnen fantaseren.”

Wat doet kritiek op uw boeken u?
„Zo lang de kritiek reëel is, vind ik dat prima. Maar men moet niet op kleine dingetjes gaan letten. Ik ben een man die altijd vooruit plant, die altijd bezig is. Als ik bepaalde fouten maak, vind ik het uitstekend als ik daarop word gewezen. Dat is in eerste instantie de taak van de redacteur bij mijn uitgever. Recensenten mogen dat ook doen, als het maar niet kleinzielig of zuur wordt. Het gaat mij om de grote lijn van het verhaal.”

Klijn veert weer op en toont zijn ruime studeerkamer. Met enige trots laat hij de stille getuigen van een vruchtbaar leven zien: een paar planken vol zelfgeschreven boeken, de laptop op het bureau en een grote plank met ordners vol documentatie van de bedrijven die Klijn nog adviseert en artikelen van vroeger. „Kijk, hier heb je nog mijn interview met oud-secretaris-generaal van de NAVO Luns in De Schakel, ik vond die man geweldig.”

Hij neemt een boek over een Zuid-Afrikaanse theologiehoogleraar mee terug naar de woonkamer. „Dat gaat over Koos van Rooy, een vriend van me. Hij is de achterkleinzoon van een Brabantse jongen die rond 1850 protestant werd en het huis werd uitgegooid. Hij trouwde in Brussel en vertrok naar Zuid-Afrika. Over hem en over Koos heb ik een boek geschreven.”

Klijn schrijft vaker over vrienden. Zo schreef hij een boek over Martin Mans, voor wie hij vier tournees in Zuid-Afrika organiseerde.

Schrijversjubileum
In februari beleefde Klijn zijn schrijversjubileum: zijn 25e boek kwam uit. De streekroman ”Oorlogstijd langs de Lek” is deel 1 van een tweeluik over ds. T. H. Oostenbrug uit Groot-Ammers, die tijdens de Tweede Wereldoorlog het verzet in het dijkdorp leidde. Klijn toont met een groot fotoboek de aandacht die zijn uitgeverij eraan besteedde. „Ik ben geen topschrijver, zo eerlijk moet je zijn. Maar de eerste druk van 3500 exemplaren is bijna uitverkocht. En het loopt nog steeds. Zolang ik mensen kan plezieren met mijn schrijfsels, wil ik ze blijven produceren. Als ze niet meer worden verkocht, stop ik.”

Door welke schrijver laat u zich inspireren?
„Elke goede schrijver inspireert me. Ik lees veel. Ik geniet van een boek als ”In Europa” van Geert Mak. Dan let ik niet alleen op de inhoud, maar ook op de manier waarop hij het opschrijft. Als ik een boek schrijf, dan worstel ik daarmee. Ik herschrijf het wel vijf of zes keer. Met mijn vrouw bespreek ik de voortgang van het verhaal. Ik laat het een neerlandicus lezen en ik krijg commentaar terug van de redacteur.”

Bent u zo’n worstelaar?
„Nou en of. Ik worstel om een goede gezondheid te houden, ik sport vijf uur per week. Ik worstel om de orgelzaak waarvan ik mede-eigenaar ben, Joh. de Heer in Sliedrecht, goed te laten draaien. Ik worstel elke dag om beter orgel en piano te leren spelen. Dat is voor een ander niet altijd zichtbaar. Ik heb een opgewekt karakter. Dat wil niet zeggen dat er geen problemen zijn. Mijn levensschip ligt voor anker. Het gaat naar het einde toe.”

Bedachtzaam: „Ik vind het in mijn boeken altijd moeilijk om het sterven van personen te beschrijven. Het graf is luguber. Ik mag dan als uit de klei getrokken jongen het niet slecht hebben gedaan; als de dood komt is dat niets meer waard. Anderhalf jaar geleden had ik een ernstige longontsteking. Ik dacht daaraan te zullen overlijden. Dan worden aardse zaken onbelangrijk. Geestelijk gezien was het een goed tijd. Als ik nu aan mijn sterven denk, grijp ik daar nog wel eens op terug. Dan worstel ik om zekerheid om te kunnen sterven.”

Mede n.a.v. ”Oorlogstijd langs de Lek”, door Jan W. Klijn; uitg. Kok, Kampen, 2009; ISBN 978 90 5977 366 0; 255 blz.; 13,95.

 

Bekijk het originele artikel op RD.nl : Worstelaar langs de Lek 

 

 

 


Ik ben geen Tolstoj, maar weet wel te boeien


Interview in het Algemeen Dagblad van 28 januari 2009

"Ik ben geen Tolstoj, maar weet wel te boeien"

  

n.a.v. de presentatie van het 25ste boek van schrijver Jan W. Klijn.

  

Jan Willem Klijn schrijft boek Oorlogstijd langs de Lek

  
De naam Klijn doet bij menigeen een belletje rinkelen. Jarenlang is en was het de marktleider in de wereld van luxe noten, zuidvruchten en rijstcrackers. Oprichter Jan W. Klijn (68) heeft nadat hij het bedrijf van de hand heeft gedaan in 1997 niet stilgezeten. Hij brengt 5 februari a.s. zijn 25e boek uit.
  
Vol enthousiasme vertelt Klijn over de reisverhalen die hij heeft geschreven tijdens zijn zakenreizen over de hele wereld. ,,Wacht! Ik laat het even zien.'' Hij veert op, maakt een sprintje naar zijn werkkamer en komt terug met een map vol met korte reisverhalen en foto's. 
,,Tijdens mijn reizen wilde ik altijd al mijn ervaringen op papier zetten,'' vertelt Klijn. ,,Ik werd hierbij door niemand gestimuleerd. Het moest echt uit mezelf komen. Inmiddels heb ik honderden reisverhalen op mijn naam staan. Onder de rubriek Klijne Grensoverschrijdingen werden deze uitgebracht in een christelijke weekblad.''
Op aanraden van de uitgever van het blad schreef de oud-zakenman in 1979 zijn eerste boek, Het Dorp. ,,Het was een dun boekje dat ik in mijn vrije tijd heb geschreven. Ik moest de zaak draaiende houden. Dit boekje is het begin geweest van mijn schrijverscarrière.''
Klijn, zelf geboren en getogen in de Alblasserwaard, schrijft ook vooral over deze streek. Voordat hij aan een nieuw boek begint, verdiept hij zich eerst volledig in het personage en de tijd waarover hij hierover iets op papier zet. Ook voor zijn nieuwste boek Oorlogstijd langs de Lek. Het verhaal draait om dominee Oostenbrug. Als de oorlog in mei 1940 een feit is, is hij als jonge predikant beroepen in Groot-Ammers. De veranderingen die de oorlog met zich meebrengen laten hem niet ongemoeid. Hij is dan ook al snel betrokken bij kleine verzetsacties.
Klijn: ,,Ik heb nabestaanden van Oostenbrug persoonlijk opgezocht. Ik wil altijd alles tot op de bodem uitzoeken. Je kunt mij een enorme regelneef noemen, die erg punctueel is. Ik herschrijf een boek soms zes keer. Ik schaaf altijd wel iets bij. Wat ik doe, tracht ik goed te doen.''
Schrijven geeft de auteur een ‘heerlijk gevoel'. ,,De enige waarmee ik te maken heb, is de uitgever. Ik heb altijd veel mensen om me heen gehad. Tijdens het schrijven heb ik alleen maar met mezelf te maken en het biedt me de mogelijkheid in een andere wereld te stappen.''
Soms krijgt de goedlachse auteur 's nachts in bed een ingeving. ,,Maar ik kom daarvoor niet mijn bed uit, hoor. Ik zit om klokslag acht uur achter mijn computer en dan rammel ik het er zo uit.''
In mijn boeken gaat altijd een boodschap schuil, zegt Klijn. ,,Mijn boodschap is dat het licht moet overwinnen, niet de duisternis. De hoop en het positieve in het leven treedt vaak op de voorgrond. Maar ook de ernst van het leven.''
Seks en vloeken zijn onderwerpen waar in de verhalen van Klijn geen plaats voor is. ,,Het mag nooit banaal worden.''
Klijn heeft al jaren een trouw lezerspubliek van duizenden mensen. ,,Dit zijn over het algemeen lezers met een christelijke achtergrond. Ik ben geen Tolstoj, maar voor een aantal mensen weet ik een verhaal toch op een boeiende manier op papier te zetten. Mensen hoeven mij niet over mijn bol te aaien, maar het geeft mij voldoening dat mijn werk al zo lang wordt gelezen. Daar doe ik het ook voor. Als niemand het meer leest, stop ik ermee.''


Het begon allemaal met een cashewnootje ...


Interview met Jan Klijn (door Hanneke van Houwelingen)

Het begon allemaal met een cashewnootje ...

GROOT-AMMERS - Zo'n veertig jaar geleden vond een arme Giessendammer het ei van Columbus: een cashewnootje. “Ik stond met kaas en eieren op de markt en nam wat exotische nootjes over van een andere markthandelaar. Ik proefde voor het eerst in mijn leven een cashewnootje en dacht ‘hmmm lekker zeg, hier zit handel in'.” Inmiddels is Jan W. Klijn een gevierd zakenman en nootjesexpert in binnen- en buitenland. De Alblasserwaard kent hem echter ook als auteur van een reeks christelijke romans.   

  

Door Hanneke van Houwelingen

Luxe was de jonge Giessendammer vreemd. Aan eten was geen gebrek, maar daar was in een gezin met 9 kinderen ook alles mee gezegd. “Dit nooit,” deed hij zichzelf al vroeg de belofte. “Zo wil ik niet leven.” Er was echter een cashewnootje voor nodig om een ander levenspad in te slaan. De handelaar besloot exotische nootjes en zuidvruchten te importeren naar Nederland. Met de goedkoopste chartervluchten vloog hij de wereld over. Hij vond walnoten in Amerika, abrikozen en vijgen in Turkije, dadels in Israël en pijnboompitten in China. “Ik nam altijd chartervluchten en sliep in hotels, zo goedkoop als het kon. Ik heb wel eens in hotels geslapen, waar ik me niet durfde uit te kleden, zo vuil waren de kamers.” Een lach breekt door op zijn gezicht. “Je moet natuurlijk wel slim zijn,” geeft hij één van zijn handelsgeheimen prijs. “Ik maakte mijn afspraken in het Hilton. ‘s Ochtends vroeg wachtte ik mijn bezoek op in de lounge-ruimte. Geen mens had in de gaten dat ik daar niet sliep, maar ik maakte wel een goede indruk op de verkoper.”

Zijn succes kwam niet aangewaaid, vertelt Klijn. “Vergis je niet, het was een struggle for life. Ik heb alleen maar lagere school gehad en heb heel hard moeten werken. Een mens kan veel, als je maar wil. Bovendien moet je een portie lef hebben. Durven investeren..”

Van zijn 29ste tot zijn 54ste ging Klijn ieder jaar, in afstand, twee keer de wereld rond. “In de beginjaren kende niemand Jan Klijn, maar als ik nu in Amerika kom is het ‘ahhh mister Klijn, how are you?!' Ik ben door de jaren heen een expert op het gebied van noten en zuidvruchten geworden.”

Onrust

Van al dat reizen en onderhandelen is de onrust in Klijn geslopen. Zelf vindt hij dit één van zijn meeste positieve eigenschappen. “Die onrust heb ik nodig om me lekker in mijn vel te voelen. Ik zeg wel eens tegen mijn vrouw, als ik stop met werken dan heb je mij niet lang meer. Ik wil mijn hoofd laten werken. In bijna alles wat ik zie of tegenkom, zie ik handel.” Zijn voormalige huizen werden toepasselijk ‘Huize Rusteloos' genoemd. Zijn huidige villa in Groot-Ammers, ook wel de Goudkust van het dorp genoemd, kreeg echter een andere naam: ‘voor anker'. “Deze titel kreeg hij niet zozeer omdat ik mijn rust zou hebben gevonden, maar om de reden dat dit waarschijnlijk onze laatste stek is,” verklaart de 66-jarige kwieke man.

Klijne grensoverschrijdingen

Klijn is een man van het heden en de toekomst. “Ik kijk zelden terug.” Als hij praat over zijn veelzijdige loopbaan, gebruikt hij zijn ruime archief als geheugensteun. Zijn reisverhalen zijn keurig gestructureerd opgeborgen in een kast vol ordners. Al bladerend keren vervlogen tijden terug naar zijn riante werkkamer in Groot-Ammers. “In het vliegtuig zette ik mijn verhalen op papier voor een christelijke gezinsgids. Deze rubriek heette Klijne grensoverschrijdingen.”

Schrijven is, naast pianospelen, één van zijn grootste passies. Hij schreef onlangs zijn 28ste boek: Levensstrijd. Zijn christelijke romans spelen zich voornamelijk af in zijn geboortestreek, de Alblasserwaard. Ieder exemplaar kent autobiografische delen en ontkomt niet aan een christelijke boodschap. “Ik voel dat laatste als mijn plicht. Zo zou mijn laatste boek nooit anders kunnen eindigen....” De auteur doelt op de liefde tussen de hoofdpersonen, een jonge christelijke vrouw en een Turkse moslim. De twee krijgen een relatie, maar ondervinden thuis problemen door het verschil in religie. Klijn kan het niet over zijn hart verkrijgen de twee uit elkaar te drijven of om hen beiden te bekeren tot de Islam. “Veel christelijke auteurs zouden misschien de relatie op de klippen laten lopen, maar in mijn boek bekeert de Turk zich tot het christendom. Dit voelt voor mij als een happy end.”

Jan Klijn noemt zichzelf ‘een oubollige schrijver' en zeker geen ‘topauteur'. “Ik ben geen Jan Siebelink of Geert Mak, ik schrijf geen bestsellers. Maar mijn boeken worden wel degelijk gelezen in de Alblasserwaard. Vorig jaar zijn mijn boeken 38 duizend keer uitgeleend in de bibliotheek.” Jan Klijn zou Jan Klijn niet zijn als zijn passie niet gecombineerd zou kunnen worden met zijn handelsgeest. “Ik geef eerlijk toe, als mijn boeken niet gelezen of verkocht zouden worden, zou ik ermee stoppen.”


Foute boer en goede dominee


Interview met Jan Klijn (door Rob Zantinge)

Foute boer en goede dominee

"Een hobby waar je jezelf in kwijt kunt, is onbetaalbaar", zegt auteur Jan W. Klijn.

  
DOOR ROB ZANTINGE
GROOT-AMMERS - "Ik vind mezelf een middelmatig schrijver, want anders had ik al wel eens een bestseller geschreven." Aldus Jan W. Klijn (22-11-1940) uit Groot-Ammers. Donderdagmiddag presenteerde de auteur in De Platanen in zijn dorp z'n 25ste boek, 'Oorlogstijd langs de Lek'.
Jan W. (Willem) Klijn schrijft boeken sinds 1980 en was tot 1997 directeur van zijn eigen noten- en zuidvruchtenbedrijf. Klijn begon in 1962 met achthonderd gulden, maar 'met hard werken en de zegen van boven' was zijn bedrijf in Hardinxveld-Giessendam uiteindelijk goed voor een jaaromzet van zo'n honderd miljoen gulden.
Vanaf zijn 29ste reisde Jan W. Klijn de hele wereld over. Over die verre reizen schreef hij verhalen voor een Christelijk weekblad. De redacteur van het blad zag wel wat in zijn kwaliteiten en zei: Ga eens een boek schrijven. "Het eerste boek liep als een trein en het is altijd mijn hobby gebleven", vertelt Klijn in zijn woning aan de Lek. "En een hobby waar je jezelf in kwijt kunt, is onbetaalbaar."
De schrijver begint pas aan een boek als zijn uitgever, Kok ten Have in Kampen, het sein op groen zet. "Ik leg de betreffende vrouwelijke redacteur het onderwerp voor en zij zegt dan meestal: ga je gang. Ze heeft nog geen boek geweigerd", aldus Klijn, die 's zondags tweemaal naar de kerk gaat. Zijn boeken bevatten geen seks of vloeken. "Dat vind ik banaal. Stel dat, als ik er niet meer ben, mijn kleinkinderen een boek van me pakken en zeggen: heeft ie dát geschreven? Ik moet er niet aan denken…"
Zijn lezers, onder wie in totaal zo'n tweeduizend vaste, moeten dan ook vooral in reformatorische kring worden gezocht. "Ik denk dat ánderen mijn boeken saai zullen vinden", aldus Klijn.
Hoewel, saai. De in de Alblasserwaard geboren en getogen auteur zegt een echte knokker te zijn. Hij was in zijn jeugd dan ook regelmatig betrokken bij fikse matpartijen en ook in zijn boeken komt dikwijls een knokpartij voor. "Op school konden ze bijna niets tegen me zeggen of ik sloeg erop", lacht hij. "Tja, ik was thuis het middelste van in totaal negen kinderen, dus moest ik met mijn ellebogen werken om me boven water te houden."
Hoewel in 'Oorlogstijd langs de Lek' ook bekende, historische gebeurtenissen uit de Tweede Wereldoorlog worden beschreven, is het toch vooral een streekroman, waarin een sleutelrol is weggelegd voor de jonge dominee Oostenbrug. Hij en zijn verzetsgroep zorgden er voor dat in Groot-Ammers dertig Joden en 150 á 160 anderen konden onderduiken. "Er is er niet één gepakt of verraden", weet Klijn, die familie van dominee Oostenbrug, ofwel 'De Zwarte', om gegevens én toestemming voor zijn boek vroeg. De verzetsmensen in het boek zijn overigens door Klijn bedachte figuren, die in het verhaal - bij gebrek aan voedselbonnen – bijvoorbeeld bij een verkeerde boer een zeug van tweehonderd kilo stelen. Onder de banken van de dorpskerk worden geweren en granaten voor het verzet bewaard. De kerkgangers zitten er letterlijk bovenop. Een andere boer slaat een slaatje uit de hongerwinter en ruilt vijf kilo aardappelen voor een gouden horloge. "Hij profiteert schandelijk van de situatie en wordt daarvoor hardhandig afgestraft", aldus Klijn. "Zulke dingen zijn in de oorlog voorgevallen, maar het is wél fantasie. Ik houd ervan om lekker te fantaseren. Je bent als het ware scheppend bezig."

  

FOTO: ROB ZANTINGE


Oorlogstijd langs de lek


Tekst zoals die te zien zijn op kabelkranten

in o.a. Dordrecht, Zwijndrecht, Ridderkerk, Barendrecht, Spijkenisse en Alblasserwaard

 

Oorlogstijd langs de Lek (1).

Bevlogen Monique Boltje, redacteur van uitgeverij Kok Omniboek, zal het zeker die eerste donderdagmiddag van februari in het Dorpshuis De Platanen aan Fortuijnplein in Groot Ammers niet ontgaan zijn. Op het moment dat zij startte met haar sprankelende speech, die de ouverture betekende van de presentatie van de streekroman ‘Oorlogstijd langs de Lek' van Jan W. Klijn, zond de zon haar lichtstralen door de ramen om de vreugde van de literaire happening te verhogen.

 

*
Temidden van   een grote schare aan leden van gezin en familie, vrienden en bekenden en andere genodigden van de inmiddels bij velen zeer geliefde auteur Klijn, geboren in Giessendam en al lang wonende in Groot Ammers, nam ik de woorden van Monique tot mij. Genietend van gebak met als topje erop de omslag van ‘Oorlogstijd langs de Lek' in marsepein hoorde ik haar reppen over een bijzondere middag met een bijzonder boek. Het ging immers om de 25ste boreling van Klijn. 

*
Monique omschreef de nieuwe Klijn als een topper in zijn genre, dat van de streekroman. De Alblasserwaard brengt Klijn immers tot leven door karaktertekening van zijn personages,   hun achternamen en beroepen, en door beschrijving van locaties en natuur. ‘Zijn personen leer je zo goed kennen dat zij familie van je worden,' zo zei zij. Ook gaf zij te kennen dat veelschrijver Klijn als 68- jarige onverdroten doorgaat, want in de herfst van dit jaar verschijnt een vervolg: ‘Overwinning'. 

*
Klijn is niet alleen een begenadigd schrijver, hij ontpopte zich op het geboortefeest ook als een onderhoudend causeur. Zo onderstreepte   hij   de woorden van Monique dat zijn ‘Oorlogstijd langs de Lek' een geromantiseerde versie van de historische werkelijkheid van de Tweede Wereldoorlog in de Waard is. Veel research was tijdens het schrijven ervan nodig en hij werd daarbij geassisteerd door o.a. historicus Keukelaar, agrariër Spelt en ‘wandelende encyclopedie' Hendrikse.

*
Zij waren ook present en kregen een eerste exemplaar uit handen van Klijn. Dat had hij ook voor de nazaten van dominee Oostenbrug die in 1941 van ‘s- Grevelduin-Capelle naar Groot-Ammers kwam om in de monumentale, bomvolle, hervormde dorpskerk intree te doen. Dominee onderscheidde zich in de oorlogsjaren als man van het verzet en Klijn maakte van hem, met toestemming van de familie Oostenbrug, de hoofdpersoon van zijn 255 bladzijden tellende roman. 

Oorlogstijd langs de Lek (2).

Klijn zei ook dat   zakelijk bezig zijn – hij was in vroeger jaren in Hardinxveld-Giessendam   een geslaagd zakenman – iets heel anders is dan schrijven. ‘Een boek schrijven doe je alleen, je moet je in de stof vastbijten, je moet ervoor gaan'. Zo'n twintig miljoen lettertekens heb ik inmiddels gebruikt. Mijn hobby schrijven bracht mij veel plezier. De zegen van Boven is mij daarbij rijkelijk geschonken. Maar het gaat echter om een tijdelijke zaak. Als Klijn voel ik mij vaal klein. 

*
Het allereerste exemplaar was die heuglijke middag voor burgemeester Kats van Liesveld waartoe ook Groot-Ammers behoort. In zijn zeer persoonlijk getinte speech zei deze dat bij zijn komst naar de Waard een paar jaar geleden de boeken van Klijn hem wegwijs in dorp en streek gemaakt hadden. Het lezen van ‘Oorlogstijd langs de Lek' – hij schreef op verzoek een ‘Lectori salutem!'en had de roman al tot zich genomen – betekende dan ook voor hem wederom een feest van herkenning.   

*
Ik citeer Kats: ‘Je loopt met de personages mee over Kerkstraat, Molenkade en Achterland. Zijn roman is heel leesbaar en aantrekkelijk en bevindt zich op het snijvlak van feit en fictie. Bovendien beschrijft Klijn wat er in de oorlog buiten dit gebied zich heeft afgespeeld. Zijn 25ste is een mijlpaal.' Ik permitteer mij het met Kats eens te zijn: een van grootste verdiensten van Klijn is dat zijn nieuwe roman het anekdotische van het gebeurde in Groot-Ammers te boven gaat.

*
‘Oorlogstijd langs de Lek' herbergt niet alleen een boeiend relaas van de oorlogsjaren in het dorp aan de Lek, maar geeft ook een beeld van de wereld daarbuiten. Zo leest u van de verschrikkingen van de Holocaust, de terreur van de nazi's en de strijd aan de fronten. Klijn weeft door de kleine geschiedenis van Groot-Ammers de grote historie van het wereldgebeuren. Hij beschrijft het wel en wee van dominee Oostenbrug en dat van de zogenoemde   groten der aarde.

*
Na de reeks van mooie momenten in De Platanen reikte Klijn himself mij het boek aan en binnen no time zat ik in mijn uppie te lezen. Ik zocht de passages over de evacués uit Veenendaal op, want ik had in de tuin voor het huis een bank gezien die daaraan herinnert. In mei 1940 moesten de bewoners van die plaats vluchten voor het oorlogsgeweld langs Grebbelinie en op Grebbeberg. Zij vonden als bootvluchtelingen een welkom onderdak in Groot-Ammers en elders. 

Oorlogstijd langs de Lek(3). 

Toen ik dochters van Klijn, zus en zwager van Klijn en oud-leerlingen gesproken had, verliet ik De Platanen en maakte in de tuin halt en front voor de bank die herinnert aan de stroom van vluchtelingen in de eerste oorlogsdagen. Beelden kreeg ik op mijn netvlies van op drift geraakte burgers. Thuisgekomen las ik het boek in één ruk uit. Ik volgde met ingehouden adem dominee Oostenbrug die in eigen pastorie twee Jodinnen opnam en die als de Zwarte deelnam aan het verzet.

*
In 1944 kwam de herder en leraar voor een dilemma te staan: doorgaan als verzetsman of prioriteit geven aan zijn oorspronkelijke roeping. Klijn verstaat de kunst de lezer in zijn verhaal te slepen. Een gynaecoloog zei ooit van een van zijn boeken dat het een beetje saai is. Een historicus was dat niet met hem eens want die vond hetzelfde werk prachtig en spannend. Smaken verschillen. Klijn is geen Siebelink, Voskuil of Bernlef. Maar kan wel schrijven als de beste. 

*
Dat ga ik u   aantonen. Ik geef de beginpassage die iets heeft van een middeleeuwse Natureingang. ‘Groot-Ammers is een slaperig dorp waar vrij veel boeren wonen. De boeren, onder wie grote boeren met veel landerijen, maken het goed en leven betrekkelijk zorgeloos. De arbeiders die het dorp telt, hebben het niet rijk, maar weten daarmee om te gaan. Klagen doen zij dan ook niet snel. Ze bijten zich in magere tijden op de tong, werken lang en hard en gaan gewoon door. 

*
Ze zijn vrijbuiters, vinden bedelen beneden hun waardigheid en lopen niet graag in een strak gareel. De vele kaashandelaren die het dorp rijk is, doen het zakelijk over het algemeen ook best. De hoofdstraat in het dorp langs de Lek wordt gedomineerd door kaaspakhuizen en vierkante, fraai opgetrokken woningen die overeenkomen met de status van de handelaren die erin wonen. Op de kaasmarktdag rijden de brikken met vurige paarden ervoor, vol boerenkazen, overdekt met witte lakens,

*
van heinde en ver af aan, Dan is het een drukte van belang in het dorp. Dicht bij de kerk is de kaasmarkt. …. Maar buiten de kaasmarktdag om is Groot-Ammers een relatief rustig, welvarend dorp met anderhalf duizend vlijtige inwoners aan de noordelijke buitenzijde van de uitgestrekte Alblasserwaard, langs de altijd in beweging zijnde rivier de Lek. In die rust zal weldra verandering komen …' Prachtig hoe Klijn de couleur locale van zijn Lekdorp weet te schilderen.   

*
Op Wikipedia las ik dat er drie beroemde Ammersen zijn. Zij zijn daar zeker geboren. In 1947 de atheïstische predikant Klaas Hendrikse, in 1961 de tv-presentatrice Anita Witzier en in 1981 cabaretière Sara Kroos. Of het epitheton ‘beroemd' bij dit trio terecht is,   valt wellicht te discussiëren. Voor mij is   in ieder geval Jan W. Klijn een auteur die aanspraak kan maken op deze titel, ook al is hij er niet geboren. Chapeau voor hem en voor zijn uitgever: zij zorgden voor klassewerk.


Ammerse schrijver nog steeds volop actief


Artikel in Het Kontakt n.a.v. het verschijnen van het boek "Levensstrijd"
‘Levensstrijd' nieuw boek Jan W. Klijn

Ammerse schrijver nog steeds volop actief

Groot-Ammers - In de boekhandels ligt deze week een nieuw boek van Jan W. Klijn. Centraal in de streekroman staat de liefde tussen een Alblasserwaards christenmeisje en een Turkse moslimjongen.

De pensioengerechtigde leeftijd is hij al gepasseerd, maar stilzitten is er voor Jan W. Klijn - inmiddels verhuisd van Bleskensgraaf naar Groot-Ammers - niet bij. Zowel op commercieel als op schrijfgebied is hij nog steeds actief. “Heerlijk vind ik het”, benadrukt hij. “Als ik met een verhaal bezig ben vliegen de uren voorbij.” Met voldoening toont hij zijn nieuwste pennenvrucht: ‘Levensstrijd'. Aanleiding voor het boek, dat zich grotendeels afspeelt in de Alblasserwaard, was het overlijden van een zus van Jan W. Klijn. “Zij liet een aantal dagboekjes na. Aan de hand daarvan ben ik aan ‘Levensstrijd' begonnen.”

Het verhaal draait om Truus Boogaard, die na een schokkende jeugdervaring zich als zestienjarige puber onder behandeling laats stellen. Vervolgens komt ze terecht bij haar opa en oma in Ameide, die een fruitboerderij hebben. Daar ontmoet ze de Turkse jongen Özal. Klijn: “Er ontstaat dan wat moois tussen hen. Hij voelt zich, na gesprekken met een dominee, aangetrokken tot het christelijk geloof en ze trouwen dan ook in de kerk.” De echte keuze voor Nederland en het christendom maakt Özal na een zakenreis naar Turkije, waar hij met de chef van het bedrijf Grootnoot, groothandel in noten en zuidvruchten, heengaat. “Door de manier waarop hij daar behandeld wordt door een imam en een jeugdvriend trekt hij de vergelijking met de wijze waarop hij in Nederland is opgevangen.” De streekroman uit de Citerreeks van uitgever Kok Kampen loopt dus goed af. “Er gaat al zoveel fout in de wereld. Waarom zou ik daar wat aan toevoegen?”, stelt de inwoner van Groot-Ammers. “Er zit een brok optimisme in me wat op deze manier tot uiting komt.”

Omnibus
Overigens komt er van Jan W. Klijn ook één van zijn eerdere boeken opnieuw op de markt: ‘Lars'. Dit boek, dat gaat over een jongen die terechtkomt in de wereld van drugs, wordt samen met twee andere streekromans in de omnibus ‘Waar liefde overwint' in de boekenzaken. “‘Lars' heb ik helemaal herschreven. Ik beschouw mezelf niet als een schrijver die boven de middelmaat uitkomt, maar ik heb me in de loop van de jaren wel verbeterd. Nu kreeg ik de kans om daarmee met dit boek aan de slag te gaan.”

Het ISBN-nummer van ‘Levensstrijd' is 978-90-5977-232-8.



Nieuw bij media!

Artikel in Het Kontakt


Scherpe aanbiedingen!

Diverse boeken nu van 13.95 voor 9.95 per stuk! Zie onderaan de pagina!




Ook nog te bestellen:

de andere boeken

van Jan W. Klijn